ECLI:NL:HR:2011:BU6998

Hoge Raad

Datum uitspraak
9 december 2011
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
11/02099
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 Wet op de rechterlijke organisatie
Verwijzingen
3 uitgaand · 8 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beoordeling beroep in cassatie tegen aanslag successierecht bevestigd door Hof Arnhem

Belanghebbende kreeg een aanslag in het recht van successie opgelegd, die na bezwaar door de Inspecteur werd gehandhaafd. De Rechtbank Arnhem verklaarde het beroep ongegrond, waarna belanghebbende hoger beroep instelde bij het Hof Arnhem. Het Hof bevestigde het vonnis van de Rechtbank. Vervolgens stelde belanghebbende beroep in cassatie in bij de Hoge Raad.

De Hoge Raad beoordeelde de klacht van belanghebbende in cassatie, maar oordeelde dat deze niet tot cassatie kon leiden. Gezien artikel 81 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie was geen nadere motivering vereist, omdat de klacht geen rechtsvragen opriep die relevant zijn voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling.

De Hoge Raad wees ook proceskostenveroordeling af en verklaarde het beroep in cassatie ongegrond. Het arrest werd gewezen door de raadsheren Schaap, Feteris en Koopman, en in het openbaar uitgesproken op 9 december 2011.

Uitkomst: Het beroep in cassatie is ongegrond verklaard en de aanslag successierecht blijft gehandhaafd.

Uitspraak

9 december 2011
nr. 11/02099
Arrest
gewezen op het beroep in cassatie van X te Z (hierna: belanghebbende) tegen de uitspraak van het Gerechtshof te Arnhem van 22 maart 2011, nr. 10/00194, betreffende een aanslag in het recht van successie.
1. Het geding in feitelijke instanties
Aan belanghebbende is een aanslag in het recht van successie opgelegd, welke aanslag, na daartegen gemaakt bezwaar, bij uitspraak van de Inspecteur is gehandhaafd.
De Rechtbank te Arnhem (nr. AWB 09/1750) heeft het tegen die uitspraak ingestelde beroep ongegrond verklaard.
Belanghebbende heeft tegen de uitspraak van de Rechtbank hoger beroep ingesteld bij het Hof.
Het Hof heeft de uitspraak van de Rechtbank bevestigd.
2. Geding in cassatie
Belanghebbende heeft tegen 's Hofs uitspraak beroep in cassatie ingesteld en daarbij een klacht aangevoerd.
De Staatssecretaris van Financiën heeft een verweerschrift ingediend.
Belanghebbende heeft een conclusie van repliek ingediend.
3. Beoordeling van de klacht
De klacht kan niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien artikel 81 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie, geen nadere motivering, nu de klacht niet noopt tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Proceskosten
De Hoge Raad acht geen termen aanwezig voor een veroordeling in de proceskosten.
5. Beslissing
De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie ongegrond.
Dit arrest is gewezen door de raadsheer C. Schaap als voorzitter, en de raadsheren M.W.C. Feteris en R.J. Koopman, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier A.I. Boussak-Leeksma, en in het openbaar uitgesproken op 9 december 2011.