ECLI:NL:GHARN:2011:BQ0618
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vrijstellingen successierecht voor kinderen jonger dan 23 jaar en ondernemers niet discriminerend
Belanghebbende stelde zich op het standpunt dat hij op grond van het gelijkheidsbeginsel recht had op dezelfde vrijstellingen in het successierecht als kinderen jonger dan 23 jaar en ondernemers. Deze vrijstellingen werden door de Inspecteur niet toegekend, waarna belanghebbende bezwaar maakte en vervolgens beroep instelde bij de rechtbank, dat ongegrond werd verklaard.
In hoger beroep bevestigde het Gerechtshof Arnhem de uitspraak van de rechtbank. Het hof nam de feiten en motieven van de rechtbank over en voegde daaraan toe dat het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie sinds de inwerkingtreding van het Verdrag van Lissabon een primaire bron van Europees recht is, maar dat noch het Verdrag van Lissabon noch het Handvest bepalingen bevatten die tot een ander oordeel leiden.
Het hof oordeelde dat de vrijstellingen binnen de reikwijdte van artikel 52 van Pro het Handvest vallen en niet discriminerend zijn. Het hoger beroep werd daarom ongegrond verklaard. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan door een meervoudige kamer van het Gerechtshof Arnhem op 22 maart 2011.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.