ECLI:NL:HR:2012:BU8773
Hoge Raad
- Cassatie
- A.J.A. van Dorst
- J. de Hullu
- H.A.G. Splinter-van Kan
- W.F. Groos
- Y. Buruma
- Rechtspraak.nl
Beoordeling Salduz-verweer bij verklaring verdachte tijdens transport naar politiebureau
In deze strafzaak stond centraal of een verklaring van verdachte, afgelegd tijdens het transport naar het politiebureau, uitgesloten moest worden omdat verdachte niet was gewezen op het recht op raadpleging van een advocaat. De verdachte werd verdacht van moord en wapenbezit.
Het hof had vastgesteld dat de vragen van de verbalisant in het politievoertuig niet konden worden aangemerkt als een verhoor in de zin van het Wetboek van Strafvordering, omdat er nog geen sprake was van een geconstateerd strafbaar feit waarvoor verdachte als zodanig was aangemerkt. De verdachte had uit eigen beweging verklaringen afgelegd die niet direct gerelateerd waren aan de verdenking waarvoor hij was aangehouden.
De Hoge Raad bevestigde dit oordeel en verwees naar eerdere jurisprudentie (HR LJN BH3079) waarin is bepaald dat het recht op advocaat voorafgaand aan het eerste verhoor geldt, maar niet bij spontane verklaringen buiten een verhoorssituatie. Het beroep van verdachte werd verworpen omdat het hof geen onjuiste rechtsopvatting had gegeven en de feitelijke waarderingen niet in cassatie konden worden getoetst.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt dat de verklaring van verdachte tijdens transport niet is uitgesloten omdat er geen sprake was van een verhoor en dus geen recht op advocaat bestond.