ECLI:NL:HR:2012:BV6684
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Verwerping cassatieberoep in echtscheidingszaak over toepasselijk recht en grievenstelsel
De zaak betreft een cassatieberoep van de man tegen een beschikking van het gerechtshof te 's-Gravenhage inzake een echtscheiding en de toepassing van het internationaal privaatrecht (IPR). De vrouw is in cassatie niet verschenen en heeft geen verweerschrift ingediend. De Hoge Raad verwijst naar de eerdere beslissingen van de rechtbank en het hof en de conclusie van de Advocaat-Generaal die tot verwerping van het beroep strekt.
De Hoge Raad beoordeelt de aangevoerde klachten en oordeelt dat deze niet leiden tot cassatie. Gezien artikel 81 van Pro het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering is geen nadere motivering vereist omdat de klachten geen rechtsvragen in het belang van rechtseenheid of rechtsontwikkeling oproepen.
De Hoge Raad besluit het beroep te verwerpen en bevestigt daarmee de beslissing van het gerechtshof. De uitspraak is gedaan door een meervoudige kamer en in het openbaar uitgesproken door raadsheer F.B. Bakels op 27 april 2012.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt de beschikking van het gerechtshof.