ECLI:NL:HR:2012:BV7406
Hoge Raad
- Cassatie
- A.J.A. van Dorst
- J. de Hullu
- Y. Buruma
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt niet-ontvankelijkverklaring in hoger beroep wegens te late intrekking
In deze strafzaak heeft het Gerechtshof te 's-Gravenhage de verdachte niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep, omdat de intrekking van het hoger beroep na de aanvang van de behandeling ter terechtzitting werd ingediend. De verdachte had het hoger beroep namens zichzelf willen intrekken, maar de akte van intrekking was gedateerd na de datum waarop de behandeling in hoger beroep was begonnen.
De advocaat-generaal concludeerde tot vernietiging van het arrest en terugwijzing van de zaak naar het hof voor een nieuwe beoordeling. De Hoge Raad overwoog dat op grond van artikel 453 en Pro 454 Sv de intrekking van een rechtsmiddel uiterlijk vóór de aanvang van de behandeling van het beroep moet worden gedaan, waarbij de aanvang van de behandeling wordt bepaald door het uitroepen van de zaak.
Omdat de intrekking in deze zaak pas na de aanvang van de behandeling was ingediend, was de niet-ontvankelijkverklaring door het hof onterecht. De Hoge Raad vernietigde daarom het arrest en verwees de zaak terug naar het hof voor nieuwe berechting. Het tweede middel behoefde geen bespreking.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest en wijst de zaak terug naar het hof wegens te late intrekking van het hoger beroep.