Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:HR:2012:BW4004

Hoge Raad

Datum uitspraak
15 juni 2012
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
11/00722
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 RO
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad bevestigt afwijzing cassatie over afgebroken onderhandelingen huur nieuwbouw

In deze zaak stond de vraag centraal of er een (voor)overeenkomst tot stand was gekomen na afgebroken onderhandelingen over de huur van een nieuwbouwpand. Eiseres had beroep in cassatie ingesteld tegen de arresten van het gerechtshof Arnhem, die de afwijzing van haar vorderingen bevestigden.

De Hoge Raad verwijst naar eerdere uitspraken, waaronder het arrest van 12 augustus 2005 (LJN AT7337), als maatstaf voor de beoordeling van het ontstaan van een overeenkomst bij afgebroken onderhandelingen. In cassatie werden geen nieuwe rechtsvragen gesteld die beantwoording behoefden in het belang van rechtseenheid of rechtsontwikkeling.

De conclusie van de Advocaat-Generaal was tot verwerping van het beroep, waarop eiseres heeft gereageerd. De Hoge Raad heeft het beroep verworpen en veroordeelde eiseres in de kosten van het geding, die aan de zijde van verweerster op nihil werden begroot. Hiermee blijft het arrest van het gerechtshof in stand.

Uitkomst: Het cassatieberoep van eiseres wordt verworpen en het arrest van het gerechtshof blijft in stand.

Uitspraak

15 juni 2012
Eerste Kamer
11/00722
DV/AS
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
[Eiseres],
gevestigd te [vestigingsplaats],
EISERES tot cassatie,
advocaat: mr. P.J. de Groen,
t e g e n
[Verweerster],
gevestigd te [vestigingsplaats],
VERWEERSTER in cassatie,
niet verschenen.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiseres] en [verweerster].
1. Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. het vonnis in de zaak 244782 CV EXPL 07-3436 van de kantonrechter te Enschede van 27 mei 2008;
b. de arresten in de zaak 200.010.997 van het gerechtshof te Arnhem van 17 november 2009 en 2 november 2010.
De arresten van het hof zijn aan dit arrest gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen de arresten van het hof heeft [eiseres] beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
Tegen [verweerster] is verstek verleend.
De zaak is voor [eiseres] toegelicht door haar advocaat.
De conclusie van de Advocaat-Generaal M.H. Wissink strekt tot verwerping van het beroep.
De advocaat van [eiseres] heeft bij brief van 2 mei 2012 op die conclusie gereageerd.
3. Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO Pro, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt [eiseres] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerster] begroot op nihil.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren F.B. Bakels, als voorzitter, W.D.H. Asser en A.H.T. Heisterkamp, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer J.C. van Oven op 15 juni 2012.