ECLI:NL:HR:2012:BW4208

Hoge Raad

Datum uitspraak
27 april 2012
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
11/04140
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 ROArt. 288 lid 3 Fw
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad bevestigt weigering schuldsanering wegens ontbreken goede trouw

De zaak betreft een verzoek tot schuldsanering waarbij de rechtbank Amsterdam en het gerechtshof Amsterdam de toepassing van schuldsanering hebben geweigerd op grond van het ontbreken van goede trouw bij de verzoeker.

De verzoeker stelde zich op het standpunt dat de schuldsanering wel toegepast moest worden, maar het hof oordeelde anders en wees het verzoek af. Tegen dit arrest heeft de verzoeker cassatieberoep ingesteld bij de Hoge Raad.

De Hoge Raad heeft het cassatieberoep behandeld en concludeerde dat de aangevoerde klachten niet tot cassatie kunnen leiden. Gezien artikel 81 van Pro het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering was nadere motivering niet nodig omdat de klachten geen rechtsvragen opriepen die van belang zijn voor de rechtseenheid of rechtsontwikkeling.

De Hoge Raad bevestigde daarmee het oordeel van het hof en verwierp het beroep, waarmee de weigering van de schuldsanering definitief werd vastgesteld.

Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de weigering van schuldsanering wegens ontbreken van goede trouw blijft in stand.

Uitspraak

27 april 2012
Eerste Kamer
11/04140
EV/LZ
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
[Verzoeker],
wonende te [woonplaats],
VERZOEKER tot cassatie,
advocaat: mr. A.B. Baumgarten.
Verzoeker zal hierna ook worden aangeduid als [verzoeker].
1. Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. het vonnis in de zaak 490256/FT-RK 11.1085 van de rechtbank Amsterdam van 25 juli 2011,
b. het arrest in de zaak 200.091.596/01 van het gerechtshof te Amsterdam van 6 september 2011.
Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen het arrest van het hof heeft [verzoeker] beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De conclusie van de Advocaat-Generaal L. Timmerman strekt tot verwerping.
3. Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO Pro, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, C.A. Streefkerk en M.A. Loth, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer F.B. Bakels op 27 april 2012.