ECLI:NL:HR:2013:BY7843
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid in hoger beroep wegens niet-dienen van grieven door samenloop van omstandigheden
In deze zaak waren eiser en mede-eisers in hoger beroep gegaan tegen een vonnis van de kantonrechter waarin zij veroordeeld werden tot betaling aan Varde Investments. Tijdens de procedure bij het gerechtshof verklaarde het hof hen niet-ontvankelijk omdat zij niet tijdig grieven hadden ingediend. Eiser stelde in cassatie dat door een samenloop van feitelijke omstandigheden, waaronder het niet ontvangen van een peremptoirstelling en ontoegankelijkheid van het elektronisch roljournaal, zij niet op de hoogte waren van de termijn.
De Hoge Raad nam deze stellingen in cassatie voorshands aan als juist en oordeelde dat het recht op effectieve toegang tot de rechter, zoals gewaarborgd in artikel 6 EVRM Pro, in het geding was. Daarom kon het arrest van het hof niet in stand blijven. De Hoge Raad vernietigde het arrest en verwees de zaak terug naar het hof voor verdere behandeling en beslissing.
De kosten van het cassatiegeding werden gereserveerd, waarbij de kosten aan de zijde van eiser werden begroot op €465,99 aan verschotten en €2.600 aan salaris, en aan de zijde van Varde nihil. De uitspraak werd gedaan door de vice-president en vier raadsheren op 29 maart 2013.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest van het hof en verwijst de zaak terug voor verdere behandeling wegens samenloop van omstandigheden die het tijdig dienen van grieven belemmerden.