ECLI:NL:HR:2013:BY8279
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Wijziging partneralimentatie bij eigen faillissement en draagkrachtbepaling
Partijen zijn gehuwd in 1985 en zijn in een echtscheidingsprocedure waarbij de man aan de vrouw partneralimentatie moest betalen. De man verzocht om wijziging van de alimentatie naar nihil vanwege zijn eigen faillissement, dat kort na een beschikking van het hof werd uitgesproken. De vrouw stelde dat het faillissement onnodig was aangevraagd en dat de man niet aan zijn verplichtingen mocht ontkomen.
De rechtbank wees het verzoek van de man toe, maar het hof vernietigde deze beslissing en wees het verzoek af. Het hof oordeelde dat de man de belangen van de vrouw had geschaad door het faillissement zonder haar medewerking aan te vragen en haar pas na het verstrijken van de verzettermijn in kennis te stellen. Het hof stelde dat de man voldoende inkomen had om aan zijn verplichtingen te voldoen en dat het faillissement niet noodzakelijk was.
De Hoge Raad bevestigde het oordeel van het hof dat bij een door de alimentatieplichtige zelf teweeggebrachte inkomensvermindering, zoals een eigen faillissement, deze vermindering buiten beschouwing kan worden gelaten indien de onderhoudsplichtige zich had moeten onthouden van het gedrag dat tot de vermindering leidde. De man moet maatregelen treffen, zoals een akkoord met schuldeisers, om alsnog aan zijn onderhoudsverplichting te voldoen. Het beroep van de man wordt verworpen.
Uitkomst: Het verzoek van de man om de partneralimentatie op nihil te stellen wordt afgewezen omdat hij zijn eigen faillissement onnodig heeft uitgelokt en maatregelen moet treffen om aan zijn verplichtingen te voldoen.