ECLI:NL:HR:2016:1178

Hoge Raad

Datum uitspraak
14 juni 2016
Publicatiedatum
14 juni 2016
Zaaknummer
15/02026
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 ROArt. 51 Sv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verwerping cassatieberoep wegens ontvankelijkheid en termijnoverschrijding in strafzaak

De Hoge Raad heeft op 14 juni 2016 het cassatieberoep van de verdachte verworpen in een strafzaak die door het Gerechtshof Den Haag was behandeld. Het beroep was ingesteld tegen een arrest van 27 maart 2015. De advocaat van de verdachte had een middel van cassatie voorgesteld, maar de Advocaat-Generaal concludeerde tot verwerping.

De kern van het geschil betrof de ontvankelijkheid van het cassatieberoep, waarbij de Hoge Raad inging op de vraag of een e-mailbericht dat naar de verkeerde instantie was verzonden als een stelbrief kon worden aangemerkt. Daarnaast speelde een verschoonbare termijnoverschrijding doordat de griffie van het hof een onjuiste uitspraakdatum aan de raadsvrouwe had medegedeeld.

De Hoge Raad oordeelde dat het middel niet tot cassatie kon leiden en dat geen nadere motivering nodig was, omdat het middel geen rechtsvragen opriep die van belang waren voor de rechtseenheid of rechtsontwikkeling. Het beroep werd derhalve verworpen, waarmee het arrest van het gerechtshof werd bekrachtigd.

Uitkomst: Het cassatieberoep van de verdachte wordt verworpen wegens niet-ontvankelijkheid ondanks verschoonbare termijnoverschrijding.

Uitspraak

14 juni 2016
Strafkamer
nr. S 15/02026
AKA
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Den Haag van 27 maart 2015, nummer 22/004658-14, in de strafzaak tegen:
[verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1990.

1.Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft R.J. Baumgardt, advocaat te Spijkenisse, bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal A.E. Harteveld heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2.Beoordeling van het middel

Het middel kan niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu het middel niet noopt tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3.Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president A.J.A. van Dorst als voorzitter, en de raadsheren E.S.G.N.A.I. van de Griend en M.J. Borgers, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
14 juni 2016.