Uitspraak
wonende te [woonplaats],
1.Het geding in feitelijke instantie
2.Het geding in cassatie
3.Beoordeling van de middelen
4.Beslissing
22 december 2017.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Hoge Raad
Betrokkene verbleef op de locatie Wijerode te Heerlen van Mondriaan Zorggroep en er was een verzoek tot machtiging tot voortgezet verblijf ingediend op grond van art. 18 lid 1 Wet Pro Bopz. De rechtbank Limburg verleende op 19 juni 2017 de machtiging tot voortgezet verblijf.
In cassatie klaagde betrokkene dat de machtiging ten onrechte was verleend omdat de locatie Wijerode op dat moment niet als psychiatrisch ziekenhuis in de zin van art. 1 Wet Pro Bopz was aangemerkt. De Hoge Raad bevestigde dat een machtiging tot voortgezet verblijf slechts kan worden verleend indien betrokkene verblijft in een psychiatrisch ziekenhuis zoals bedoeld in de wet.
De Hoge Raad stelde vast dat de locatie Wijerode pas op 2 augustus 2017 als psychiatrisch ziekenhuis was aangemerkt, dus na de beschikking van 19 juni 2017. Hierdoor was de wettelijke voorwaarde voor de machtiging niet vervuld en was de machtiging onrechtmatig verleend.
De Hoge Raad vernietigde daarom de beschikking van de rechtbank Limburg en verwees de zaak terug voor verdere behandeling en beslissing. De overige klachten werden niet behandeld omdat ze geen rechtsvragen van belang bevatten.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt de beschikking tot machtiging voortgezet verblijf wegens ontbreken van het vereiste verblijf in een psychiatrisch ziekenhuis.