Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:HR:2018:259

Hoge Raad

Datum uitspraak
13 februari 2018
Publicatiedatum
22 februari 2018
Zaaknummer
16/04271
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 9.2 WVW 1994
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad vernietigt arrest wegens onvoldoende bewijs van wetenschap ongeldig rijbewijs

Verdachte werd door het hof Arnhem-Leeuwarden veroordeeld wegens het besturen van een motorrijtuig terwijl zijn rijbewijs ongeldig was verklaard, in strijd met artikel 9.2 van de Wegenverkeerswet 1994. Het hof stelde vast dat verdachte als bestuurder optrad, maar motiveerde onvoldoende dat verdachte wist van de ongeldigverklaring van zijn rijbewijs.

Namens verdachte werd cassatie ingesteld met het middel dat de bewezenverklaring ontoereikend was gemotiveerd, omdat uit de bewijsmiddelen niet kon worden afgeleid dat verdachte wetenschap had van de ongeldigverklaring. De Advocaat-Generaal concludeerde tot vernietiging van het arrest en terugwijzing van de zaak.

De Hoge Raad volgde de conclusie van de Advocaat-Generaal en vernietigde het arrest. De zaak werd terugverwezen naar het hof Arnhem-Leeuwarden voor hernieuwde berechting op het bestaande hoger beroep. De Hoge Raad benadrukte dat de enkele omstandigheid dat verdachte eerder onherroepelijk is veroordeeld voor overtreding van artikel 9.2 WVW 1994 niet voldoende is om wetenschap aan te nemen.

Het arrest werd gewezen door vice-president W.A.M. van Schendel en raadsheren Y. Buruma en A.L.J. van Strien op 13 februari 2018.

Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest en wijst de zaak terug voor hernieuwde berechting wegens onvoldoende bewijs van wetenschap van ongeldig rijbewijs.

Uitspraak

13 februari 2018
Strafkamer
nr. S 16/04271
SLU
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Arnhem, van 12 augustus 2016, nummer 21/003365-15, in de strafzaak tegen:
[verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1972.

1.Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft N. van Schaik, advocaat te Utrecht, bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal D.J.C. Aben heeft geconcludeerd tot vernietiging van de bestreden uitspraak en tot terugwijzing van de zaak naar het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Arnhem, teneinde op het bestaande hoger beroep opnieuw te worden berecht en afgedaan.
2. Beoordeling van het middel
2.1.
Het middel klaagt dat de bewezenverklaring ontoereikend is gemotiveerd, nu uit de door het Hof gebezigde bewijsmiddelen niet kan volgen dat de verdachte "wist" dat zijn rijbewijs ongeldig was verklaard.
2.2.
Het middel slaagt op de in de conclusie van de Advocaat-Generaal onder 8 vermelde gronden.

3.Slotsom

Hetgeen hiervoor is overwogen brengt mee dat de bestreden uitspraak niet in stand kan blijven en als volgt moet worden beslist.

4.Beslissing

De Hoge Raad:
vernietigt de bestreden uitspraak;
wijst de zaak terug naar het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Arnhem, opdat de zaak op het bestaande hoger beroep opnieuw wordt berecht en afgedaan.
Dit arrest is gewezen door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren Y. Buruma en A.L.J. van Strien, in bijzijn van de waarnemend griffier J.D.M. Hart, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
13 februari 2018.