Uitspraak
1.Geding in cassatie
2.Beoordeling van het eerste middel
3.Beoordeling van het tweede middel
4.Beslissing
8 oktober 2019.
Hoge Raad
De verdachte werd door het hof veroordeeld voor het opzettelijk telen van hennep, een strafbaar feit onder artikel 3 onder Pro B van de Opiumwet. Naast een gevangenisstraf werd ook onttrekking aan het verkeer van een inbeslaggenomen boksbeugel opgelegd.
De Hoge Raad beoordeelde het middel dat zich richtte op de onttrekking aan het verkeer van de boksbeugel. Artikel 36d Sr bepaalt dat voorwerpen onttrokken kunnen worden indien zij kunnen dienen voor het begaan of voorbereiden van soortgelijke feiten of het belemmeren van opsporing daarvan. Het hof stelde dat de boksbeugel vatbaar was voor onttrekking, maar motiveerde niet hoe deze kon worden gebruikt bij soortgelijke feiten als hennepteelt.
De Hoge Raad oordeelde dat zonder nadere motivering niet kan worden ingezien hoe een boksbeugel kan dienen voor soortgelijke feiten als hennepteelt of de opsporing daarvan kan belemmeren. Daarom werd het besluit tot onttrekking aan het verkeer van de boksbeugel vernietigd, terwijl het beroep voor het overige werd verworpen.
Uitkomst: De beslissing tot onttrekking aan het verkeer van de boksbeugel wordt vernietigd, strafrechtelijke veroordeling voor hennepteelt blijft in stand.