ECLI:NL:PHR:2000:AA5676
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Belastingheffing over stamrechtuitkeringen en afkoop in het kader van het Nederlands-Zwitserse belastingverdrag
De zaak betreft een belanghebbende die na ontbinding van zijn arbeidsovereenkomst een stamrechtvergoeding ontving, welke hij overdroeg aan een stamrecht-BV. Hij verhuisde naar Zwitserland en ontving periodieke uitkeringen en een afkoopsom. De Nederlandse Belastingdienst rekende deze afkoop tot het belastbare inkomen en belastte dit tegen een bijzonder tarief. Het gerechtshof bevestigde deze kwalificatie.
De belanghebbende stelde in cassatie dat de afkoopsom en uitkeringen als pensioen of soortgelijke uitkeringen moesten worden aangemerkt en dus in Zwitserland belastbaar waren. De Hoge Raad onderzocht de interpretatie van het Nederlands-Zwitserse belastingverdrag en de toepassing van het OESO-modelverdrag op pensioenen en ontslaguitkeringen.
De Hoge Raad concludeerde dat de stamrechtuitkeringen en afkoop geen pensioen of soortgelijke uitkering zijn in de zin van het verdrag, omdat ze niet primair bestemd zijn ter voorziening in levensonderhoud tot aan de pensioendatum. De vergoeding heeft het karakter van schadeloosstelling voor toekomstige gederfde inkomsten en is derhalve belastbaar in Nederland als inkomen uit arbeid. De Hoge Raad vernietigde het hofvonnis en de aanslag en bepaalde dat de aanslag tot nihil moet worden verminderd.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het hofvonnis en bepaalt dat de stamrechtuitkeringen en afkoop niet als pensioen kwalificeren en in Nederland belastbaar zijn.