ECLI:NL:PHR:2001:AB3123
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad over heffingsbevoegdheid bij afkoop stamrecht bij grensoverschrijdende arbeidsovereenkomst
De zaak betreft de vraag of een afkoopsom van een stamrecht, toegekend wegens te derven arbeidsinkomsten van een in Frankrijk wonende beroepsvoetballer, in Nederland of Frankrijk belastbaar is. De werknemer had een arbeidsovereenkomst met een Nederlandse voetbalvereniging, waarbij een aanvullende overeenkomst een salarisgarantie voor na 1981 omvatte. Omdat geen passende functie beschikbaar was, werd een stamrecht toegekend en later afgekocht.
De Inspecteur stelde dat de afkoopsom in Nederland belastbaar was, omdat de dienstbetrekking naar verwachting in Nederland zou zijn uitgeoefend. Het hof volgde dit standpunt. De Hoge Raad stelde centraal dat de heffingsbevoegdheid volgens het belastingverdrag alleen toekomt aan Nederland indien de dienstbetrekking daadwerkelijk in Nederland wordt uitgeoefend.
De Hoge Raad oordeelde dat de afkoopsom moet worden gezien als een aanspraak uit of in verband met de dienstbetrekking, maar niet als loon voor daadwerkelijk verrichte arbeid. Daardoor is er geen verband met de uitoefening van de dienstbetrekking en is de heffing aan Frankrijk toegewezen. Het arrest van het hof en de navorderingsaanslag worden vernietigd.
Uitkomst: De Hoge Raad oordeelt dat de afkoopsom van het stamrecht belastbaar is in Frankrijk en niet in Nederland.