ECLI:NL:PHR:2002:AD9117
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt afwijzing schadevergoeding wegens waardeloze opgeslagen vissersartikelen
In deze zaak vordert eiser vergoeding van vissersartikelen die jarenlang ongebruikt en blootgesteld aan weersinvloeden op het terrein van verweerder zijn opgeslagen. De rechtbank kende een beperkte schadevergoeding toe, maar het hof vernietigde dit en wees de vordering af vanwege onvoldoende bewijs van waarde en de slechte staat van de goederen.
Eiser stelde dat de netten en machines nog marktwaarde hadden, onderbouwd met een rapport over Noorse marktprijzen, maar het hof oordeelde dat de goederen in Nederland en omgeving in onbruik waren geraakt en dat het ontbreken van onderhoud en langdurige opslag in weer en wind de waarde had doen verdampen.
In cassatie betoogde eiser dat hij onvoldoende gelegenheid had gekregen om te reageren op het incidenteel appèl van verweerder, maar de Hoge Raad oordeelde dat een incidenteel appèl gelijk staat aan een gewoon appèl en dat het nalaten van reactie voor rekening van eiser komt.
De Hoge Raad bevestigde het oordeel van het hof dat eiser tekort is geschoten in zijn stelplicht en dat het hof terecht heeft geoordeeld dat de goederen waardeloos waren. Het beroep wordt verworpen.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de vordering tot schadevergoeding wordt afgewezen.