ECLI:NL:PHR:2002:AF0202
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt verwerping vordering wegens niet tijdig kenbaar gemaakte keuze erfpachtsrecht
In deze zaak vordert eiser nakoming en schadevergoeding van Almond Grove Estate N.V. wegens een vermeende verplichting uit een brief van januari 1981, waarin werd gesteld dat eiser tot 28 februari 1981 de mogelijkheid had een perceel grond te kiezen. Het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba heeft eerder geoordeeld dat er wilsovereenstemming bestond tussen Almond Grove en de moeder van eiser over het vestigen van een erfpachtsrecht, maar dat eiser zelf geen recht had op nakoming omdat hij niet tijdig een keuze voor een perceel had gemaakt.
Eiser stelde in hoger beroep dat hij wel degelijk een keuze had gemaakt en deze binnen de termijn aan Almond Grove kenbaar had gemaakt, maar het hof vond deze stellingen onvoldoende onderbouwd. Het hof oordeelde dat eiser niet had aangegeven welk perceel was gekozen, noch wanneer en op welke wijze de keuze was kenbaar gemaakt, waardoor het vorderingsrecht door tijdsverloop was verjaard.
In cassatie klaagt eiser dat het hof ten onrechte bewijsaanbod en stellingen buiten beschouwing heeft gelaten, maar de Hoge Raad bevestigt dat de uitleg van de stukken begrijpelijk is en dat het bewijsaanbod te vaag was. Ook wijst de Hoge Raad erop dat eiser niet duidelijk heeft gemaakt welke stellingen hij bedoelde en dat het cassatieberoep geen vragen van belang voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling bevat. Het cassatieberoep wordt daarom verworpen.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de vordering van eiser afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing van tijdige keuze kenbaarmaking.