ECLI:NL:PHR:2003:AE7326
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad over fraus legis en vrijstelling kapitaalsbelasting bij concernherstructurering
Belanghebbende, behorend tot een internationale concernstructuur, had een vrijstelling van kapitaalsbelasting gevorderd voor een interne herstructurering waarbij kapitaal werd ingebracht in een Nederlandse vennootschap. De inspecteur legde een naheffingsaanslag op wegens vermeende belastingontduiking (fraus legis). Het Hof verwierp het beroep van belanghebbende en oordeelde dat het samenstel van rechtshandelingen was gericht op het ontgaan van kapitaalsbelasting. Belanghebbende stelde in cassatie dat het Hof ten onrechte fraus legis toepaste en dat het non-discriminatiebeginsel van het belastingverdrag met de VS werd geschonden.
De conclusie van de Advocaat-Generaal bespreekt uitgebreid het leerstuk van fraus legis, waarbij wordt benadrukt dat belastingplichtigen vrij zijn de fiscaal meest voordelige route te kiezen, mits deze niet in doorslaggevende mate is ingegeven door belastingverijdeling. De objectieve toets richt zich op de vraag of het samenstel van rechtshandelingen strijdig is met doel en strekking van de wet, waarbij onder meer de wezenlijke betekenis van de rechtshandelingen en willekeurige verijdeling van belastingheffing een rol spelen.
De conclusie gaat ook in op de verhouding tussen fraus legis en het non-discriminatiebeginsel van het belastingverdrag met de VS. De toepassing van fraus legis kan het beroep op het verdrag niet verhinderen, omdat het verdrag geen expliciete bepaling bevat die herkwalificatie van rechtshandelingen op grond van fraus legis voor verdragstoepassing erkent. De conclusie adviseert de cassatieberoep van belanghebbende gegrond te verklaren, het arrest van het Hof en de naheffingsaanslag te vernietigen, en de vrijstelling toe te kennen op grond van het verdrag.
Indien de Hoge Raad anders oordeelt, wordt aanbevolen prejudiciële vragen te stellen over de uitleg van doel en strekking van de vrijstellingsbepaling in de kapitaalsbelastingrichtlijn. De overige beroepen van belanghebbende op het vertrouwens- en gelijkheidsbeginsel worden verworpen. De conclusie biedt een gedetailleerde analyse van jurisprudentie en wetsgeschiedenis omtrent fraus legis, keuzevrijheid van belastingplichtigen, en internationale verdragsrechtelijke aspecten.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt gegrond verklaard, het Hofarrest en de naheffingsaanslag worden vernietigd en belanghebbende krijgt vrijstelling van kapitaalsbelasting op grond van het belastingverdrag met de VS.