ECLI:NL:PHR:2003:AE9386
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad over nawerking van CAO-bepalingen bij overgang van onderneming en conflicterende CAO's
In deze zaak stond de vraag centraal of bepalingen uit een oude collectieve arbeidsovereenkomst (CAO) blijven doorwerken in de individuele arbeidsovereenkomst na overgang van een onderneming, ondanks het bestaan van een nieuwe CAO die op de nieuwe werkgever van toepassing is. De werknemer was oorspronkelijk gebonden aan de Hoogovens-CAO, maar na overdracht van zijn werk naar het Rode Kruis Ziekenhuis werd de Ziekenhuis-CAO toegepast, waar hij geen partij bij was.
De Hoge Raad bevestigde dat de rechten en plichten uit de oude CAO krachtens de artikelen 7:662 BW en 14a Wet CAO van rechtswege overgaan op de nieuwe werkgever en blijven gelden totdat een nieuwe CAO algemeen verbindend wordt verklaard of een andere wijziging plaatsvindt. Dit betekent dat ook na het verstrijken van de geldigheidsduur van de oude CAO de bepalingen die de individuele arbeidsovereenkomst regelen, blijven doorwerken, tenzij ze worden vervangen door een nieuwe collectieve of individuele overeenkomst.
De Hoge Raad wees erop dat de werknemer niet gebonden is aan de nieuwe CAO zolang hij daar niet mee instemt of partij van is, en dat de nieuwe CAO slechts tijdelijk algemeen verbindend kan zijn. Tijdens die periode geldt de nieuwe CAO, maar na afloop daarvan herleven de oude CAO-bepalingen. Dit leidt tot een zogenoemde 'jojo-effect' waarbij de toepasselijkheid van CAO's kan wisselen. Hoewel dit systeem niet onomstreden is, gaf de Hoge Raad aan dat het belang van bescherming van werknemers bij overgang van onderneming zwaarder weegt dan het belang van de verkrijger.
De Hoge Raad verwierp klachten die stelden dat de nieuwe CAO onvoorwaardelijk van toepassing zou zijn en bevestigde dat de nawerking van de oude CAO-bepalingen ook geldt voor werknemers die niet partij zijn bij de nieuwe CAO. De uitspraak sluit aan bij Europese richtlijnen die werknemersbescherming bij overgang van onderneming waarborgen, en benadrukt dat het Nederlandse systeem van nawerking geen strijd oplevert met het Europese recht.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt dat de bepalingen uit de oude CAO blijven doorwerken in de arbeidsovereenkomst na overgang van onderneming totdat een nieuwe CAO algemeen verbindend wordt verklaard.