2. Voor een volledig overzicht van de vaststaande feiten verwijs ik naar rechtsoverweging 2 van het vonnis in eerste aanleg en naar rechtsoverweging 1 van het thans bestreden arrest waarin het Hof zich onder toevoeging van enkele nieuwe feiten heeft verenigd met de (onbestreden) feitenvaststelling van de Rechtbank. Het gaat in deze zaak - kort gezegd en voorzover in cassatie nog van belang - om het volgende:
i) Partijen - hierna: [eiser], [verweerder 1] en [verweerster 2] - zijn deelgenoten in de gemeenschap bestaande uit de nalatenschap van hun vader [betrokkene 1] (verder ook: de vader), overleden te Vlissingen op 14 januari 1997. Partijen waren tezamen met hun vader - als kinderen onderscheidenlijk echtgenoot - de erfgenamen van [betrokkene 2] (hierna: de moeder), overleden te Middelburg op 10 december 1983.
ii) Zowel de moeder als de vader hebben op 11 januari 1980 een testament opgemaakt ten overstaan van notaris J.A. Janse de Jonge te Middelburg. De vader heeft in zijn testament de hem toekomende landbouwpercelen aan zijn kinderen, ieder voor een bepaald deel, gelegateerd onder verplichting tot inbreng in de nalatenschap van f 9.000,- per hectare.
iii) Met betrekking tot de verdeling van de nalatenschap van de moeder staat het volgende vast:
- Notaris L.A.J. Janse de Jonge heeft op 6 augustus 1985 aan de erfgenamen van de moeder geschreven dat tussen de erven geen algehele overeenstemming was bereikt over de verdeling van het land, met name niet over een perceel van 1.18 hectare, en dat hierom een nieuw voorstel is gedaan waarin de vader gebruik maakt van zijn recht op overname van onder meer een deel van het land, iets meer dan een kwart; de notaris voegde toe: "Het zal u duidelijk zijn dat de toedeling van de percelen tegen f 9.000,- per ha. een schenking is van ± f 4.000,- per ha. waarover te zijner tijd schenkingsrecht is verschuldigd."
- Deze notaris heeft op 27 januari 1986 aan de erfgenamen onder meer geschreven: "Ingesloten zend ik u ieder het konsept van de scheidingsakte inzake de nalatenschap van [betrokkene 2]. Zoals besproken worden de percelen bouw- en weiland toebedeeld aan de kinderen tegen een waarde van f 9.000,- per ha. De overige percelen zijn in de scheidingsakte opgenomen tegen de waarde zoals in de successie-aangifte zijnde f 13.000,- per ha."
- Bij akte, verleden voor notaris L.A.J. Janse de Jonge te Middelburg op 3 maart 1986, is de nalatenschap van [betrokkene 2] verdeeld tussen haar erfgenamen. Bij deze akte zijn aan [eiser], [verweerder 1] en [verweerster 2] (onder meer) de nader in die akte omschreven (landbouw-)percelen toegescheiden tegen een (inbreng-)waarde van f 9.000,- per hectare en zijn de overige percelen aan de vader toegescheiden.
iv) De vader heeft enkele van de door hem uit de nalatenschap van zijn echtgenote verkregen percelen op 28 augustus 1986 verkocht en geleverd aan de echtgenoot van zijn dochter [verweerster 2], [betrokkene 3], tegen een prijs van f 41.980,-. Hij heeft van een ander perceel op 3 juli 1986 het bouwland ter grootte van 2.80.00 ha. verkocht en geleverd aan [verweerder 1] tegen een prijs van f 25.200,-.