ECLI:NL:PHR:2003:AF6609
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad over vaststelling kinderalimentatie bij co-ouderschap en draagkracht
Partijen hadden gedurende vijftien jaar een relatie waaruit twee kinderen zijn geboren. Na hun scheiding delen zij het ouderlijk gezag en zorgen zij co-ouderschappelijk voor de kinderen, waarbij de kinderen de helft van de tijd bij elke ouder verblijven.
De vader was veroordeeld tot betaling van kinderalimentatie, maar stelde cassatie in tegen de hoogte van deze bijdrage. Hij betoogde onder meer dat het hof onvoldoende rekening had gehouden met het feit dat hij al kosten draagt door het verblijf van de kinderen bij hem en dat de moeder de kinderbijslag ontvangt.
De Hoge Raad oordeelde dat het hof onvoldoende inzichtelijk had gemaakt hoe het rekening had gehouden met de kostenverdeling bij co-ouderschap en de kinderbijslag. Ook was onduidelijk hoe het hof de draagkracht van de vader had vastgesteld, met name ten aanzien van zijn arbeidsduurvermindering. De Hoge Raad concludeerde dat het arrest onvoldoende gemotiveerd was en vernietigde het, met verwijzing voor hernieuwde behandeling.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak wordt verwezen voor hernieuwde beoordeling.