ECLI:NL:PHR:2004:AO1239
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt geen onrechtmatigheid bij letsel in midgetgolfspelsituatie
Op 2 augustus 1998 vond een ongeluk plaats op een midgetgolfbaan waarbij eiser door het uiteinde van een golfstick van verweerster in zijn oog werd geraakt, wat leidde tot blindheid aan dat oog. Eiser vorderde schadevergoeding wegens onrechtmatige daad. De rechtbank wees de vordering toe, oordelend dat verweerster onrechtmatig had gehandeld door de golfstick te hoog uit te zwaaien.
Het hof vernietigde dit vonnis en oordeelde dat het ongeval binnen een spelsituatie had plaatsgevonden, waarbij zwaardere eisen gelden voor het aannemen van onrechtmatigheid. Het hof stelde dat de gedraging van verweerster niet als grove onzorgvuldigheid kon worden aangemerkt en dat het letsel het gevolg was van een ongelukkige samenloop van omstandigheden.
De Hoge Raad bevestigde het oordeel van het hof dat het midgetgolfspel een spelsituatie is waarin deelnemers bepaalde misslagen van elkaar moeten verwachten. De gedraging van verweerster, hoewel zij de golfstick hoger uitsloeg dan nodig, was een beginnersfout en niet onrechtmatig. De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde dat er geen onrechtmatige daad was begaan.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de vordering tot schadevergoeding wegens onrechtmatige daad wordt afgewezen.