ECLI:NL:PHR:2006:AX9407
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Vernietiging en niet-ontvankelijkheid wegens overschrijding redelijke termijn en verjaring in mishandelingszaak
De Hoge Raad heeft het arrest van het Gerechtshof Amsterdam vernietigd en verklaart het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk in de vervolging van verdachte wegens overschrijding van de redelijke termijn en verjaring. De zaak betreft mishandeling en opzettelijke beschadiging van een telefoon in juli 1993.
De procedure kende vertragingen doordat het OM niet tijdig een verstekmededeling aan verdachte kon betekenen, ondanks dat verdachte lange tijd ingeschreven stond in de basisadministratie persoonsgegevens. De Hoge Raad oordeelt dat de vertragingen in de periode 1999-2001 voor rekening van het OM komen en dat de redelijke termijn als bedoeld in art. 6 EVRM Pro is overschreden, wat strafvermindering rechtvaardigt.
Daarnaast is ambtshalve vastgesteld dat de verjaringstermijn van zes jaren ex art. 70.2° Sr is vervuld, waardoor het recht tot strafvordering is vervallen. De Hoge Raad vernietigt daarom het arrest en verklaart het OM niet-ontvankelijk in de vervolging van de feiten mishandeling en beschadiging telefoon, en wijst de zaak terug voor verdere behandeling.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest en verklaart het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk wegens overschrijding van de redelijke termijn en verjaring.