ECLI:NL:PHR:2006:AZ0618
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Wijziging gezamenlijk ouderlijk gezag naar gezag door alleen de moeder wegens verstoorde communicatie
De zaak betreft een geschil tussen voormalige echtelieden over de wijziging van het gezamenlijk ouderlijk gezag over hun minderjarige zoon. Na de echtscheiding oefenden zij gezamenlijk het gezag uit, maar de moeder verzocht de rechtbank om het gezag aan haar alleen toe te wijzen vanwege een zwaar verstoorde relatie en communicatieproblemen.
De rechtbank wees het verzoek toe en het gerechtshof bekrachtigde deze beslissing. De ouders konden geen constructieve communicatie meer voeren, wat een onaanvaardbaar risico voor het kind opleverde. De man stelde in cassatie dat het hof onbegrijpelijk had geoordeeld over zijn weigering toestemming te geven voor psychologische behandeling van het kind, maar de Hoge Raad oordeelde dat dit een feitelijke beoordeling betrof die niet onbegrijpelijk was.
De Hoge Raad benadrukte dat ouders in beginsel gezamenlijk gezag blijven houden, tenzij ernstige communicatieproblemen het belang van het kind schaden. Het cassatieberoep werd verworpen, waarmee de wijziging van het gezag naar alleen de moeder definitief werd bevestigd.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de wijziging van het gezag naar alleen de moeder wordt bevestigd.