ECLI:NL:PHR:2007:BA7650
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt verkrachting door toediening slaapmiddel en misbruik van overwicht
In deze zaak werd verdachte door het gerechtshof veroordeeld voor zedendelicten, waaronder het dwingen van het slachtoffer tot seksuele handelingen door het toedienen van slaapmiddelen en misbruik van feitelijke verhoudingen. Het hof stelde vast dat verdachte het slachtoffer opzettelijk in een toestand van fysieke weerloosheid bracht door haar Loramet toe te dienen, waardoor zij zich niet kon verzetten.
De verdediging betoogde dat er geen sprake was van dwingen door een feitelijkheid zoals bedoeld in art. 242 Sr Pro, maar de Hoge Raad oordeelde dat het aanwenden van een slaapmiddel dat bewusteloosheid of onmacht veroorzaakt gelijkgesteld kan worden aan geweld (art. 81 Sr Pro). Hierdoor is het handelen van verdachte te kwalificeren als dwingen door een feitelijkheid.
De Hoge Raad verbeterde tevens de bewezenverklaring waar nodig, met name inzake de geboortedatum van het slachtoffer, maar verwierp het cassatieberoep verder. Het hof had voldoende gemotiveerd dat verdachte het slachtoffer bewusteloos maakte en seksueel misbruikte, zonder dat sprake was van instemming van het slachtoffer.
De uitspraak bevestigt de juridische opvatting dat het bewusteloos maken van een slachtoffer met middelen om seksuele handelingen af te dwingen onder de strafbaarstelling van verkrachting valt, ook zonder een bedreigende sfeer. De zaak benadrukt het belang van het beschermen van slachtoffers die door middelen in een staat van onmacht worden gebracht.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt de veroordeling van verdachte voor verkrachting door toediening van slaapmiddelen en misbruik van overwicht.