ECLI:NL:PHR:2008:BB7134
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt deelname verdachte aan criminele organisatie en veroordeelt tot gevangenisstraf en geldboete
De zaak betreft een cassatieberoep tegen een arrest van het Gerechtshof te 's-Gravenhage, waarin verdachte is veroordeeld voor het opzettelijk handelen in strijd met de Opiumwet, medeplegen van voorbereidingshandelingen en deelname aan een criminele organisatie. Het hof oordeelde dat verdachte gedurende een periode van juli tot november 2000 een centrale rol vervulde binnen een organisatie die zich bezighield met de handel in XTC-pillen en cocaïne.
Tijdens de procedure werd een verzoek van de verdediging om een medeverdachte als getuige te horen afgewezen, omdat deze medeverdachte in de Verenigde Staten een lange gevangenisstraf uitzat en niet bereid was te verklaren. De Hoge Raad oordeelde dat het hof deze beslissing niet onbegrijpelijk heeft genomen en dat de verdediging door het ontbreken van deze getuigenverklaring niet is benadeeld.
De bewezenverklaringen en bewijsmiddelen tonen aan dat verdachte betrokken was bij het transporteren van ruim een miljoen MDMA-tabletten en cocaïne, en bij de voorbereidingshandelingen voor export. Verdachte had telefonisch contact met de Amerikaanse afnemer en gaf instructies aan anderen binnen de organisatie. De Hoge Raad vernietigde het arrest echter gedeeltelijk ten aanzien van het feit van deelname aan de criminele organisatie en de strafoplegging, en verwees de zaak terug voor hernieuwde beoordeling van deze punten.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot vier jaar gevangenisstraf en een geldboete van €300.000, met gedeeltelijke vernietiging en terugverwijzing voor hernieuwde beoordeling van deelname aan de criminele organisatie en strafoplegging.