ECLI:NL:PHR:2008:BC5901
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad over verhuizing van kinderen bij gezamenlijk ouderlijk gezag en belang van het kind
Uit het huwelijk van de moeder en vader zijn twee kinderen geboren die gezamenlijk onder ouderlijk gezag vallen, met hoofdverblijf bij de moeder. De moeder wilde met de kinderen naar Zwitserland verhuizen vanwege haar nieuwe partner, maar de vader weigerde toestemming. De rechtbank en het hof wezen het verzoek af, waarbij het hof het belang van de kinderen voorop stelde en oordeelde dat de verhuizing de omgang met de vader zou beperken en emotionele belasting voor de jonge kinderen zou betekenen.
De moeder stelde in cassatie dat het hof onvoldoende rekening had gehouden met haar belang, haar zwangerschap en de gevolgen voor het nieuwe gezin. De Hoge Raad overweegt dat bij geschillen over de verblijfplaats van kinderen bij gezamenlijk gezag het belang van het kind een primaire overweging is, maar dat ook de belangen van ouders en andere gezinsleden moeten worden betrokken. Het hof had onvoldoende gemotiveerd waarom het belang van de moeder en haar nieuwe gezin niet meegewogen was.
De Hoge Raad vernietigt het arrest en verwijst de zaak naar een ander gerechtshof voor hernieuwde beoordeling, waarbij een zorgvuldige belangenafweging moet plaatsvinden die het belang van het kind centraal stelt, maar ook de belangen van de ouders en het nieuwe gezin betrekt.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak wordt verwezen naar een ander gerechtshof voor hernieuwde beoordeling met een zorgvuldige belangenafweging.