ECLI:NL:PHR:2008:BF7409
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Beëindiging schuldsaneringsregeling wegens toerekenbare niet-nakoming ondanks psychische problemen
De zaak betreft een cassatieberoep tegen een appelarrest waarin de tussentijdse beëindiging van een schuldsaneringsregeling werd bekrachtigd wegens niet-nakoming van verplichtingen door de schuldenaar. De schuldenaar was in 2003 toegelaten tot de regeling en kreeg na een eerdere kans verlenging tot 2008. Desondanks bleven betalingsverplichtingen onbetaald en ontstonden nieuwe schulden.
De schuldenaar voerde aan dat haar tekortkomingen niet toerekenbaar waren vanwege psychische problemen en dat de bewindvoerder onvoldoende adequaat had gehandeld. Het hof verwierp deze stellingen en oordeelde dat de schuldenaar ernstig tekortgeschoten was, ondanks herhaalde kansen en adviezen van de bewindvoerder.
De Hoge Raad bevestigt dat toerekenbaarheid ook kan bestaan zonder schuld in de zin van verwijtbaarheid, en dat de bewindvoerder in deze context een beperkte taak heeft. Het beroep op tekortschieten van de bewindvoerder leidt niet tot het vervallen van de toerekening aan de schuldenaar. Het cassatieberoep wordt verworpen.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt de tussentijdse beëindiging van de schuldsanering wegens toerekenbare niet-nakoming door de schuldenaar.