ECLI:NL:PHR:2009:BF1043
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Beoordeling schenking bij voortzetting landbouwbedrijf tegen agrarische waarde
Belanghebbende nam het landbouwbedrijf van haar ouders over in het kader van een maatschap die werd ontbonden. De overname vond plaats tegen een lagere waarde dan de economische waarde, met toepassing van een voortzettingsbeding en een meerwaardeclausule. De Inspecteur stelde dat hierdoor sprake was van een schenking en legde schenkingsrecht op.
Het Hof verklaarde het beroep van belanghebbende ongegrond, stellende dat de lagere overnamesom een bevoordeling inhield. Belanghebbende stelde in cassatie dat er geen sprake was van een schenking omdat de waardering voortvloeide uit redelijkheid en billijkheid en dat de meerwaardeclausule een waardedrukkend effect had.
De Hoge Raad overweegt dat voor een schenking naast verrijking en verarming ook de wil tot bevoordeling (vrijgevigheid) vereist is. De overname tegen agrarische waarde kan een schenking inhouden als de ouders bewust hun kind bevoordelen om het bedrijf voort te zetten. De meerwaardeclausule heeft geen waardedrukkend effect omdat deze pas bij vervreemding in werking treedt. Het Hof had niet expliciet de wil tot bevoordeling beoordeeld, maar de stukken lieten geen andere conclusie toe dan dat deze aanwezig was. De Hoge Raad bevestigt dat de waardering voor de schenking moet plaatsvinden op basis van de vrije waarde in het economische verkeer, niet op basis van fiscale waarderingsregels.
De Hoge Raad wijst ook op het belang van het betrekken van het geheel van de maatschapsverhouding bij de beoordeling van bevoordelingsbedoeling, maar constateert dat partijen dit niet hebben gedaan. De stelling van belanghebbende dat rekening moet worden gehouden met een waardedrukkend effect van het melkquotum wordt niet door het Hof beoordeeld en blijft onbesproken.
De conclusie van de Advocaat-Generaal is dat het middel van belanghebbende ongegrond moet worden verklaard en dat het Hof terecht heeft geoordeeld dat sprake is van een schenking.
Uitkomst: De Hoge Raad verklaart het cassatieberoep ongegrond en bevestigt dat de overname tegen agrarische waarde een schenking inhoudt.