ECLI:NL:PHR:2009:BI1371
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt veroordeling poging moord ondanks besmettingstheorie DNA
In deze zaak werd verdachte door het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch veroordeeld tot zes jaar gevangenisstraf wegens poging tot moord op het slachtoffer. De verdediging voerde in hoger beroep onder meer de zogenoemde besmettingstheorie aan, stellende dat het DNA van verdachte op een patroon in het pistool door contaminatie was terechtgekomen. Het hof verwierp deze theorie gemotiveerd en achtte het bewezen dat verdachte het slachtoffer met voorbedachte raad had proberen te doden.
De Hoge Raad oordeelde dat het hof de afwijking van het uitdrukkelijk onderbouwde standpunt van de verdediging voldoende had gemotiveerd en dat de bewijsbeslissing niet onbegrijpelijk was. Het hof had terecht geoordeeld dat verdachte voorafgaand aan en tijdens het schieten gelegenheid had gehad om over de gevolgen van zijn daad na te denken, waarmee sprake was van voorbedachte raad.
Verder verwierp de Hoge Raad het middel dat het hof onvoldoende had gemotiveerd waarom het de verklaring van het slachtoffer geloofde ondanks de betwisting door de verdediging. De Hoge Raad stelde vast dat het ontbreken van een deugdelijke verklaring voor het aantreffen van het DNA van verdachte op het patroon de verklaring van verdachte ongeloofwaardig maakte. Wel werd ambtshalve opgemerkt dat de redelijke termijn was overschreden, wat tot strafvermindering zou moeten leiden. Het cassatieberoep werd voor het overige verworpen.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt de veroordeling tot zes jaar gevangenisstraf wegens poging moord met voorbedachte raad, met ambtshalve strafvermindering wegens overschrijding redelijke termijn.