ECLI:NL:PHR:2009:BI4154
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Beoordeling peildatum voor waardering van te verdelen woningen bij ontbinding huwelijksgemeenschap
In deze zaak stond de vraag centraal welke peildatum het hof terecht had gehanteerd voor de waardering van twee woningen die verdeeld moesten worden na ontbinding van de huwelijksgemeenschap tussen voormalige echtelieden. Het geschil spitste zich toe op de waardebepaling en de daarbij te hanteren datum.
Het hof had in een tussenarrest vastgesteld dat de woningen op 16 juni 2005 waren toegedeeld en dat deze datum als peildatum voor de waardering diende. Partijen gingen uit van deze peildatum en bestreden deze niet in cassatie. De eiser tot cassatie voerde aan dat de rechtbank een andere peildatum had vastgesteld en dat het hof hieraan gebonden was, maar dit werd verworpen omdat partijen met het hof hadden ingestemd.
De Hoge Raad bevestigde dat de datum van verdeling in het algemeen de juiste peildatum is voor waardering van activa en passiva bij verdeling van de huwelijksgemeenschap. Ook werd opgemerkt dat eerdere stellingen over een eerdere partiële verdeling niet verenigbaar waren met de vaststellingen van het hof. Het cassatieberoep werd verworpen en de proceskosten werden gecompenseerd.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de peildatum van het hof voor waardering van de woningen blijft gehandhaafd.