ECLI:NL:PHR:2009:BI5906
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Toepassing civiele dwangsom bij informatieverplichting belastingplichtige schendt geen publiekrechtelijke weg
In deze zaak vorderde de Belastingdienst van een belastingplichtige (hierna: belanghebbende) via civiele weg een last onder dwangsom om nakoming van zijn informatieplicht op grond van artikel 47 van Pro de Algemene wet inzake rijksbelastingen (AWR) af te dwingen. Belanghebbende verzette zich onder meer met het argument dat deze civiele weg de publiekrechtelijke weg doorkruist en dat de vordering in strijd is met het nemo-teneturbeginsel.
De voorzieningenrechter en het hof wezen de bezwaren van belanghebbende af. Zij oordeelden dat de civiele weg niet onaanvaardbaar doorkruist en dat de Belastingdienst geen vergelijkbaar resultaat langs publiekrechtelijke weg kan bereiken, omdat de fiscale wetgeving geen mogelijkheid biedt om een dwangsom op te leggen. Ook werd geoordeeld dat het nemo-teneturbeginsel niet van toepassing is in deze privaatrechtelijke procedure, omdat de gevorderde informatie niet wordt verkregen ten behoeve van strafvervolging maar voor een juiste belastingheffing.
De Hoge Raad bevestigt deze lijn en verwijst naar eerdere jurisprudentie waarin is vastgesteld dat het gebruik van privaatrechtelijke middelen door de overheid niet is uitgesloten tenzij sprake is van onaanvaardbare doorkruising van publiekrechtelijke regelingen. De civiele dwangsom is een rechtsherstellend middel en geen strafrechtelijke sanctie. De Hoge Raad benadrukt dat de informatieplicht blijft gelden ook indien een strafprocedure loopt en dat de vraag of de informatie in strafzaken gebruikt mag worden, pas in die strafprocedure aan de orde komt.
De uitspraak onderstreept dat de Belastingdienst in bepaalde gevallen via civiele rechter kan optreden om naleving van fiscale informatieverplichtingen af te dwingen, waarbij de civiele dwangsom een effectief middel is dat niet in strijd is met fundamentele rechtsbeginselen of publiekrechtelijke procedures.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt dat de Belastingdienst via civiele rechter een dwangsom kan vorderen voor nakoming van de informatieplicht ex art. 47 AWR zonder onaanvaardbare doorkruising van publiekrechtelijke procedures.