ECLI:NL:PHR:2010:BN9293
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt arrest wegens schending recht op rechtsbijstand en ontoereikende strafmotivering in zaak medeplegen moord
In deze zaak is verdachte veroordeeld voor medeplegen van moord met een gevangenisstraf van 14 jaar. Het hof gebruikte verklaringen van verdachte, waaronder verklaringen afgelegd zonder dat verdachte voorafgaand aan het verhoor door een advocaat was bijgestaan, wat volgens de Hoge Raad in strijd is met artikel 6 EVRM Pro. De verdediging voerde vormverzuimen aan, waaronder het ontbreken van rechtsbijstand tijdens politieverhoren en het pressieverbod bij een voorgesprek, maar het hof verwierp deze verweren.
De Hoge Raad herhaalt de jurisprudentie dat verklaringen die zijn afgelegd zonder rechtsbijstand in beginsel niet voor bewijs mogen worden gebruikt, ook als verdachte later met advocaat een soortgelijke verklaring aflegt. Het hof heeft onterecht een verklaring gebruikt waarvan onduidelijk is of die vóór of na het raadplegen van de advocaat is afgelegd. Daarnaast is de strafmotivering onvoldoende omdat het hof een uitgangspunt van 12 jaar gevangenisstraf hanteerde zonder dit te onderbouwen.
Verder is de redelijke termijn in cassatie overschreden, wat ook tot strafvermindering kan leiden. Het beroep op psychische overmacht is door het hof verworpen op basis van een psychologisch rapport en het ontbreken van aannemelijke feiten. De Hoge Raad acht het eerste, derde en vierde middel gegrond en vernietigt het arrest, verwijzend naar het hof Leeuwarden voor hernieuwde berechting.
Uitkomst: Het arrest wordt vernietigd wegens schending van artikel 6 EVRM en ontoereikende strafmotivering; de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde berechting.