ECLI:NL:PHR:2011:BO6486
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt strafoplegging wegens strijd met art. 14a Sr en wijst zaak terug
De zaak betreft een cassatieberoep tegen een arrest van het Gerechtshof Amsterdam waarin verdachte is veroordeeld tot 46 maanden gevangenisstraf, waarvan 12 maanden voorwaardelijk, wegens deelneming aan een criminele organisatie en medeplegen van mensensmokkel.
De verdediging stelde meerdere middelen van cassatie voor, onder meer gericht tegen de afwijzing van verzoeken tot het horen van diverse buitenlandse getuigen die zich in Italië zouden bevinden. Het hof had deze verzoeken afgewezen omdat het onaannemelijk was dat de getuigen binnen een aanvaardbare termijn zouden verschijnen, ondanks inspanningen van het openbaar ministerie en de rechter-commissaris om hun verblijfplaatsen te achterhalen.
De Hoge Raad oordeelt dat de strafoplegging in strijd is met artikel 14a Sr zoals dat gold tot 1 februari 2006 en vernietigt het arrest voor zover het de strafoplegging betreft. De zaak wordt terugverwezen naar het hof voor nieuwe berechting en strafoplegging. Daarnaast wijst de Hoge Raad de middelen gericht tegen de afwijzing van de getuigenverzoeken af, omdat het hof voldoende gemotiveerd heeft geoordeeld dat het horen van de getuigen binnen een redelijke termijn niet haalbaar is.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt de strafoplegging wegens strijd met art. 14a Sr en wijst de zaak terug voor nieuwe strafoplegging; verzoeken tot horen van buitenlandse getuigen worden afgewezen.