ECLI:NL:PHR:2011:BT8457
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad over kwalificatie effectenlease-overeenkomsten als koop op afbetaling en toestemming echtgenoot
In deze zaak staat centraal of de effectenlease-overeenkomsten 'Het Levob Hefboom Effect', gesloten door de echtgenoot van eiseres met Levob Bank, kunnen worden aangemerkt als koop op afbetaling of huurkoop in de zin van het Burgerlijk Wetboek, waarvoor toestemming van de andere echtgenoot vereist is. De overeenkomsten voorzien in de economische eigendom van effecten, gefinancierd door een door de bank verstrekte lening die in één keer wordt betaald, waarna de afnemer alleen rentetermijnen betaalt en de hoofdsom na afloop van de looptijd in één termijn aflost.
De rechtbank en het hof oordeelden dat de overeenkomsten niet voldoen aan het essentiële vereiste van koop op afbetaling dat de koopprijs in meerdere termijnen na aflevering wordt betaald. De Hoge Raad bevestigt dit oordeel en overweegt dat de rentetermijnen niet als termijnen van de koopprijs kunnen worden aangemerkt omdat de koopprijs al in één termijn is voldaan via de lening. Ook de strekkingsbepaling van art. 7A:1576 lid 3 BW leidt niet tot een andere kwalificatie.
De Hoge Raad benadrukt dat de beschermingsgedachte van art. 1:88 BW Pro, die toestemming van de andere echtgenoot vereist bij koop op afbetaling, niet strekt tot het vereisen van toestemming bij geldleningsovereenkomsten die weliswaar financiële risico's kunnen inhouden. De conclusie is dat de effectenlease-overeenkomsten niet als koop op afbetaling kwalificeren en dus geen toestemming van de andere echtgenoot behoefden. Het cassatieberoep wordt verworpen.
Uitkomst: De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde dat de effectenlease-overeenkomsten niet als koop op afbetaling kwalificeren.