Conclusie
1.De feiten en het procesverloop
2.Bespreking van het cassatiemiddel
nietbij de behandeling betrokken was, betrokkene met het oog daarop kort tevoren heeft onderzocht of doen onderzoeken door een psychiater die niet bij de behandeling betrokken was, of
eigenonderzoek. Bij de eis dat de verklaring gebaseerd dient te zijn op onderzoek verricht door een niet bij de behandeling betrokken psychiater gaat het naar het oordeel van de Hoge Raad om een essentiële waarborg voor het grondrecht op vrijheid, in die zin dat niemand van zijn vrijheid mag worden beroofd buiten de gevallen bij of krachtens de wet voorzien [8] . Het is niet aan de rechter, maar aan de wetgever om te bepalen of en zo ja in welke gevallen ook andere artsen dan psychiaters voor de toepassing van de Wet Bopz kunnen gelden als ‘
medical expert’in de zin van EHRM 5 oktober 2000, LJN:AS7846 (Varbanov/Bulgarije).
medical expert’,voorbij gaat aan het kwaliteitsaspect; hij bedoelt het gegeven dat er in de psychogeriatrie en de verstandelijk gehandicaptenzorg specialisten werkzaam zijn die aanzienlijk materiedeskundiger zijn dan de psychiater, zeker als deze laatste zich op dit bijzondere terrein nimmer bewogen heeft. Hij merkt op dat het EVRM (de meest) deskundige inzet eist en dat het voor zover het EVRM noopt tot inzet van méér expertise, het wel degelijk aan de rechter (en niet
uitsluitendaan de wetgever) is om dat voor te schrijven. Maar ook is volgens hem waar, dat zich bij de contextuele beoordeling van de benodigde expertise (wie is bij dwangopneming in de psychogeriatrie respectievelijk in de verstandelijk gehandicaptenzorg de ware ‘medical expert’?) wel een extra probleem voordoet, namelijk dat niet zonder meer inzichtelijk is welke arts waar verstand van heeft. Dijkers is van mening dat de rechter bezwaarlijk in een twijfelgeval
ad hoceen onderzoek in kan stellen naar de kwalificaties van de arts en dat hier een taak voor de wetgever ligt.