Conclusie
eerste middelkeert zich tegen het oordeel van het hof dat aan de overschrijding van de redelijke termijn geen rechtsgevolg wordt verbonden.
tweede middelbehelst de klacht dat het hof ten onrechte en ontoereikend gemotiveerd is afgeweken van het uitdrukkelijk onderbouwde standpunt dat het voordeel moet worden bepaald op USD 24.000,00.