ECLI:NL:PHR:2014:2540
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt verstekvonnis ondanks vermoedelijke detentie verdachte in Engeland
Het gerechtshof ’s-Gravenhage heeft verdachte op 3 maart 2009 bij verstek veroordeeld tot drie maanden gevangenisstraf wegens bedreiging. Verdachte stelde in cassatie dat hij onterecht buiten zijn aanwezigheid is berecht omdat hij mogelijk gedwongen verbleef in een psychiatrische kliniek in Engeland.
De stukken tonen dat verdachte niet in Nederland was gedetineerd en dat het hof onderzoek deed naar zijn verblijfplaats. Uit informatie van de Prisoner Location Service bleek dat verdachte niet in strafrechtelijke detentie verbleef. Het hof concludeerde daarom dat verdachte kennelijk vrijwillig afstand had gedaan van zijn aanwezigheidsrecht.
De Hoge Raad oordeelt dat het hof niet onbegrijpelijk heeft geoordeeld dat geen aanleiding bestond de zaak opnieuw aan te houden. Verdachte had geen contact onderhouden met zijn raadsman en er was geen aanhoudingsverzoek ingediend. Het cassatiemiddel faalt, en het verstekvonnis blijft in stand.
Uitkomst: Het verstekvonnis tegen verdachte wordt bevestigd en het cassatieberoep verworpen.