ECLI:NL:PHR:2014:2742
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Beoordeling bevoegdheid en opzet bij niet voldoen aan stopteken politie
De zaak betreft een verdachte die op 2 oktober 2010 te Zeist opzettelijk niet voldeed aan een stopteken van een politieambtenaar, gegeven krachtens artikel 160 lid 1 van Pro de Wegenverkeerswet 1994. Het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden veroordeelde verdachte voor het misdrijf van opzettelijk niet voldoen aan een bevel krachtens wettelijk voorschrift gegeven door een toezichthoudende ambtenaar, op grond van artikel 184 Sr Pro, en legde een geldboete en een ontzegging van rijbevoegdheid op.
De Hoge Raad behandelt in cassatie onder meer de vraag of het hof bevoegd was en of de tenlastelegging correct is geformuleerd. De Hoge Raad bevestigt dat het niet voldoen aan een bevel of vordering krachtens artikel 160 WVW Pro 1994, hoewel een overtreding, ook als misdrijf onder artikel 184 Sr Pro kan worden vervolgd indien opzet wordt gesteld. Dit betekent dat het OM kan kiezen voor een zwaardere kwalificatie.
Verder oordeelt de Hoge Raad dat het hof terecht heeft bewezen verklaard dat verdachte opzettelijk niet voldeed aan het bevel, mede gelet op de verklaringen van verbalisanten die een stopteken gaven en zagen dat de bestuurder doorreed. Ook wordt geoordeeld dat de redelijke termijn niet is overschreden. Het cassatieberoep wordt verworpen en het arrest van het hof blijft in stand.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en het arrest van het hof blijft in stand.