Conclusie
middelwordt geklaagd dat het hof ten onrechte, althans op onjuiste gronden dan wel onvoldoende gemotiveerd gebruik heeft gemaakt voor het bewijs van een verklaring van verdachte afgelegd tijdens de doorzoeking van zijn woning op 25 november 2008, terwijl verdachte voorafgaand aan deze verklaring in strijd met art. 6 EVRM Pro niet in de gelegenheid is gesteld een advocaat te consulteren.
alleen [13] de verdachte die door de politie is aangehouden en van zijn vrijheid is beroofd’, lijkt mij de klacht dan ook gegrond.
significant curtailment of [the suspect’s] freedom of action.Naar mijn mening is het eerste onderdeel van de klacht, namelijk dat het in onderhavige zaak gaat om een met een aanhouding vergelijkbare vrijheidsbeperking waarbij verdachte in de gelegenheid had moeten worden gesteld een advocaat te raadplegen alvorens over het aantreffen van het vuurwapen te worden gehoord gegrond.