Conclusie
1.Feiten en procesverloop
2.Bespreking van het cassatiemiddel
klacht Iwordt betoogd dat de rechtbank is uitgegaan van een onjuiste rechtsopvatting door te oordelen dat een naturalisatiebesluit genomen vóór 1 april 2003 waarin valse of fictieve persoonsgegevens zijn opgenomen de betrokkene niet identificeert en daarom geen rechtsgevolg heeft, zulks in tegenstelling tot naturalisatiebesluiten van na 1 april 2003. De klacht voert aan dat dit onderscheid in strijd is met het Unierecht en met art. 8 jo Pro. 14 EVRM.