ECLI:NL:HR:2011:BP0569

Hoge Raad

Datum uitspraak
18 maart 2011
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
10/01178
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 17 Rijkswet op het NederlanderschapArt. 81 RO
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verzoek tot vaststelling Nederlanderschap bij gebruik valse persoonsgegevens afgewezen

Verzoeker heeft een beroep in cassatie ingesteld tegen een beschikking van de rechtbank 's-Gravenhage die zijn verzoek tot vaststelling van het Nederlanderschap op grond van de Rijkswet op het Nederlanderschap heeft afgewezen.

De kern van het geschil betreft het ontbreken van rechtsgevolg van een vóór 1 april 2003 verleend naturalisatiebesluit dat was verkregen met gebruikmaking van valse of fictieve persoonsgegevens. De rechtbank had de beschikking op 25 februari 2010 gegeven en de Hoge Raad verwijst naar deze beschikking voor het geding in feitelijke instantie.

De Hoge Raad heeft de klachten van verzoeker beoordeeld en geoordeeld dat deze niet tot cassatie kunnen leiden. Er is geen noodzaak tot nadere motivering omdat de klachten geen rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of rechtsontwikkeling oproepen.

De Hoge Raad heeft het beroep van verzoeker verworpen en de beschikking in het openbaar uitgesproken op 18 maart 2011 door raadsheer E.J. Numann namens de raadsheren die het vonnis hebben gewezen.

Uitkomst: Het beroep van verzoeker wordt verworpen en het naturalisatieverzoek afgewezen wegens gebruik van valse persoonsgegevens.

Uitspraak

18 maart 2011
Eerste Kamer
10/01178
EE/AS
Hoge Raad der Nederlanden
Beschikking
in de zaak van:
[Verzoeker],
wonende te [woonplaats],
VERZOEKER tot cassatie,
advocaat: mr. J.P. Sanchez Montoto,
t e g e n
STAAT DER NEDERLANDEN, Immigratie- en Naturalisatiedienst,
zetelende te 's-Gravenhage,
VERWEERDER in cassatie,
advocaat: mr. J. van Duijvendijk-Brand.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [verzoeker] en de Staat.
1. Het geding in feitelijke instantie
Voor het verloop van het geding in feitelijke instantie verwijst de Hoge Raad naar de beschikking in de zaak 292523/HA RK 07-863 van de rechtbank 's-Gravenhage van 25 februari 2010.
De beschikking van de rechtbank is aan deze beschikking gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen de beschikking van de rechtbank heeft [verzoeker] beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Staat heeft verzocht het beroep te verwerpen.
De conclusie van de Advocaat-Generaal L. Strikwerda strekt tot verwerping van het beroep.
3. Beoordeling van de middelen
De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO Pro, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Deze beschikking is gegeven door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, J.C. van Oven en W.A.M. van Schendel, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer E.J. Numann op 18 maart 2011.