Conclusie
eerste middelbehelst de klacht dat het hof een gevoerd verweer strekkende tot niet-ontvankelijkheid van het openbaar ministerie dan wel strafvermindering ten onrechte, althans op ontoereikende gronden heeft verworpen.
tweede middelbehelst de klacht dat de bewezenverklaring van de feiten 2 en 5, voor zover het zaaksdossier 312 betreft, ontoereikend is gemotiveerd. Hetgeen door het hof is vastgesteld ten aanzien van de zaaksdossiers 310 en 313 zou onvoldoende zijn om het oordeel te rechtvaardigen dat er sprake is van wetenschap bij de verdachte ter zake van de auto waarop zaaksdossier 312 ziet.
derde middelbehelst de klacht dat de bewezenverklaring van de feiten 2 en 5, voor zover het zaaksdossier 256 betreft, ontoereikend is gemotiveerd. Uit de bewijsmiddelen volgt volgens de steller van het middel dat een medeverdachte – en niet de verdachte – degene is geweest die de auto heeft witgewassen. Het middel klaagt niet over de kwalificatie.