ECLI:NL:HR:2005:AS8858
Hoge Raad
- Herziening
- W.J.M. Davids
- G.J.M. Corstens
- J.W. Ilsink
- J. de Hullu
- H.A.G. Splinter-van Kan
- Rechtspraak.nl
Herziening wegens schending privacyrecht bij telefoontaps en vermindering geldboete
De Hoge Raad heeft op 27 september 2005 een arrest gewezen waarin herziening werd verleend op grond van een schending van artikel 8 van Pro het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM) vastgesteld door het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM). Deze schending betrof onrechtmatige telefoontaps die in de oorspronkelijke strafprocedure niet in overeenstemming met de wet waren uitgevoerd.
De aanvrager was eerder door het Gerechtshof te 's-Gravenhage veroordeeld voor feitelijke aanranding van de eerbaarheid met een voorwaardelijke gevangenisstraf en een geldboete. Het EHRM oordeelde dat de telefoontaps zonder voorafgaande rechterlijke toestemming waren verricht, wat een schending van het recht op privacy betekende. De Hoge Raad oordeelde dat herziening noodzakelijk was voor rechtsherstel, maar verwierp het verzoek om het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk te verklaren.
De Hoge Raad besloot de zaak zelf af te doen en de opgelegde geldboete te verminderen van ƒ 10.000,- naar € 4.000,-, evenals de duur van de vervangende hechtenis aan te passen. De inhoud van de telefoongesprekken was niet als bewijs gebruikt, waardoor verwijzing naar een ander hof niet nodig was. De uitspraak benadrukt het belang van rechtsherstel bij schendingen van fundamentele rechten en de toepassing van gewijzigde herzieningsregels.
Uitkomst: Hoge Raad verklaart herziening gegrond wegens schending privacy, vermindert geldboete en vervangende hechtenis en doet de zaak zelf af.