Conclusie
tweede middelbehelst de klacht dat het bewezen verklaarde niet kan worden afgeleid uit de gebezigde bewijsmiddelen. Volgens de steller van het middel is de bewezenverklaring niet naar de eis der wet met redenen omkleed.
Parket bij de Hoge Raad
De verdachte werd door het gerechtshof 's-Hertogenbosch veroordeeld voor diefstal door twee of meer verenigde personen en kreeg een gevangenisstraf van zes weken opgelegd. Tevens werd de vordering tot schadevergoeding van de benadeelde partij niet-ontvankelijk verklaard. Het cassatieberoep werd ingesteld tegen dit arrest.
De Hoge Raad constateerde dat het hof in het verkort arrest geen bewijsmiddelen had opgenomen die de bewezenverklaring ondersteunen, terwijl dit volgens artikel 359, derde lid, Sv verplicht is. De noodzakelijke aanvulling met bewijsmiddelen ontbrak in de aan de Hoge Raad gezonden stukken en was ook niet alsnog aangeleverd.
Hierdoor kon niet worden vastgesteld of de bewezenverklaring voldoende was onderbouwd met wettige bewijsmiddelen. De Hoge Raad oordeelde dat het arrest niet in stand kan blijven en vernietigde het arrest. De zaak werd terugverwezen naar het hof voor hernieuwde berechting op het bestaande hoger beroep.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd wegens het ontbreken van bewijsmiddelen in de bewezenverklaring en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde berechting.