Conclusie
eerste middel, bezien in samenhang met de toelichting daarop, keert zich tegen het onder 1 tenlastegelegde feit en valt in twee klachten uiteen. De eerste klacht luidt dat ’s hofs verwerping van een gevoerd betrouwbaarheidsverweer met betrekking tot de verklaringen van aangever [betrokkene 1] onbegrijpelijk is, althans onvoldoende met redenen is omkleed. De tweede klacht houdt in dat de bewezenverklaring onbegrijpelijk is, althans onvoldoende met redenen is omkleed, nu het bewijs berust op slechts de verklaring van één getuige.
Feit 1 primair:
Het in de wettelijke vorm opgemaakte proces-verbaal, (als bijlage op pagina’s 228- 235 van het proces-verbaal, genummerd PL0900-2014161918), voor zover inhoudende - zakelijk weergegeven -als verklaring van verdachte:
Het in de wettelijke vorm opgemaakte proces-verbaal, (als bijlage op pagina ’s 103- 111 van het proces-verbaal, genummerd PL0900-2014161918), voor zover inhoudende-
zakelijk weergegeven -als verklaring van verdachte:
Het in de wettelijke vorm opgemaakte proces-verbaal, (als bijlage op pagina ’s 273- 275 van het proces-verbaal, genummerd PL0900-2014161918), voor zover inhoudende - zakelijk weergegeven -als bevindingen van verbalisant:
De verklaring van verdachteafgelegd ter terechtzitting van de rechtbank van 29 juli 2015, voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:
Het in de wettelijke vorm opgemaakte proces-verbaal, (als bijlage op pagina’s 26- 32 van het proces-verbaal, genummerd PL0900-2014161918), voor zover inhoudende - zakelijk weergegeven -als verklaring van [betrokkene 5]:
Het in de wettelijke vorm opgemaakte proces-verbaal, (als bijlage op pagina ’s 33- 43 van het proces-verbaal, genummerd PL0900-2014161918), voor zover inhoudende-
zakelijk weergegeven -als verklaring van [betrokkene 1],geboren op [geboortedatum] 2001, d.d. 1 juli 2014:
Het in de wettelijke vorm opgemaakte proces-verbaal, (als bijlage op pagina ’s 51-56 van het proces-verbaal, genummerd PL0900-2014161918), voor zover inhoudende - zakelijk weergegeven -als verklaring van [betrokkene 1] :
Het in de wettelijke vorm opgemaakte proces-verbaal, (als bijlage op pagina ’s 57-58 van het proces-verbaal, genummerd PL0900-2014161918), voor zover inhoudende - zakelijk weergegeven -als bevindingen van verbalisant:
(Opmerking hof: 15 juni 2014 blijkt een zondag te zijn. Dinsdag betreft derhalve 17
juni 2014.)”
Feit 1
Totstandkoming verklaringen
Feitelijke onjuistheden en overige bijzonderheden
Unus testis nullus testis
“Verweer raadsvrouw
aantoonbaarwel naar waarheid heeft verklaard. Als eerder opgemerkt, het hof heeft deze punten in zoveel woorden aangehaald. Zo heeft de verdachte de verklaring van [betrokkene 1] dat zij elkaar hebben leren kennen via Bullchat bevestigd. Ook heeft de verdachte bevestigd dat hij [betrokkene 1] heeft opgehaald bij het Jaarbeursplein, dat zij vervolgens met de regiotaxi naar de woning van de verdachte zijn gegaan en dat hij op 17 juni 2014 in zijn woning foto’s van [betrokkene 1] heeft gemaakt, waarbij het bovenlichaam van [betrokkene 1] ontbloot was. Het zijn deze verklaringen van de verdachte – de bewijsmiddelen 1 en 4 – die steun bieden aan het bewijs van het tenlastegelegde feit 1 primair. Ook kan steun worden gevonden in bewijsmiddel 8, het proces-verbaal van bevindingen waaruit blijkt dat er op 14 juni 2014 contact is geweest tussen de telefoon van [betrokkene 1] en [verdachte] (de verdachte) en dat [betrokkene 1] op 15 juni 2014 naar de verdachte heeft gestuurd “Dinsdag kan ik om 13:30 op Jaarbeursplein zijn”, waarop de verdachte reageert met: “ik ook”. Het verband van dit steunbewijs met de verklaringen van [betrokkene 1] is niet voor betwisting vatbaar. De slotsom is dan ook dat de verklaringen van [betrokkene 1] voldoende steun vinden in ander bewijsmateriaal, te weten de bewijsmiddelen 1, 4 en 8. Anders dan het middel betoogt, is van schending van art. 342, tweede lid, Sv geen sprake.
tweede middelklaagt dat het hof het onder feit 5 bewezenverklaarde – kort gezegd: het heimelijk filmen van aangever [betrokkene 4] – uitsluitend heeft gebaseerd op de verklaring van één getuige en daarbij niet heeft gereageerd op het door de verdediging gevoerde verweer ter zake.
zakelijk weergegeven -als verklaring van verdachte:
Het in de wettelijke vorm opgemaakte proces-verbaal, (als bijlage op pagina’s 223- 224 van het proces-verbaal, genummerd PL0900-2014161918), voor zover inhoudende - zakelijk weergegeven -als bevindingen van verbalisant:
Het in de wettelijke vorm opgemaakte proces-verbaal, (als bijlage op pagina ’s 264- 267 van het proces-verbaal, genummerd PL0900-2014161918), voor zover inhoudende - zakelijk weergegeven-
als verklaring van [betrokkene 4] :
[betrokkene 4]
Feit 5
nietwist dat hij gefilmd werd vindt onvoldoende steun in het overige bewijs. Zijn eigen verklaring geeft weer dat er over filmen gesproken is waardoor de verklaring dat hij
nietop de hoogte was van het filmen niet geloofwaardig is.
derde middelklaagt dat de redelijke termijn als bedoeld in art. 6, eerste lid, EVRM in de cassatiefase is overschreden omdat de stukken te laat door het hof zijn ingezonden.