viii.
Verdachte heeft zich na zijn aanhouding aanvankelijk beroepen op zijn zwijgrecht en heeft eerst op 10 februari 2016, ten overstaan van de politie, een verklaring afgelegd; voorts heeft hij ter terechtzitting in eerste aanleg op 20 juni 2016 en ter terechtzitting in hoger beroep op 11 april 2017 over de verdenkingen verklaard.
Uit de verklaringen komt het volgende naar voren, zakelijk weergegeven:
- dat hij de Roadcaptain is bij Satudarah, en bepaalt waar iedereen (
het hof begrijpt: van de motorclub)heen gaat;
- dat hij was gevraagd om de vriendin van [betrokkene 3] , [betrokkene 4] , te helpen met lekke banden;
- dat hij bij de vader van [betrokkene 4] door de telefoon heeft gezegd tegen [slachtoffer] dat hij [verdachte] was en of ze elkaar konden zien;
- dat ze bij de Jumbo afspraken in winkelcentrum Tuinzigt;
- dat ze met zijn zessen er heen gingen, in een Mercedes en een rode Mini;
- dat [betrokkene 5] (
het hof begrijpt: [betrokkene 5] ),[betrokkene 6] (
het hof begrijpt: [betrokkene 6]) en [betrokkene 7] (
het hof begrijpt: [betrokkene 7]) binnendoor het winkelcentrum in gingen;
- dat hij met [betrokkene 8] (
het hof begrijpt: [betrokkene 8] )en [betrokkene 9] (
het hof begrijpt: [betrokkene 9]) buitenom ging;
- dat hij iemand zag staan wachten en dat hij naar [slachtoffer] toe liep, die een gebaar maakte van: “wij hebben een afspraak”;
- dat hij op [slachtoffer] afliep, een hand gaf en vroeg wat er gebeurd was;
- dat [slachtoffer] zag dat er jongens stonden op de hoek en vroeg of die bij hem, verdachte, hoorden;
- dat hij dat bevestigde en dat [slachtoffer] toen omsloeg;
- dat [slachtoffer] wilde uithalen maar dat hij sneller was en hem een hoekstoot gaf op zijn gezicht met de vuist van zijn rechterhand;
- dat [slachtoffer] een paar passen achteruit stapte, zich omdraaide en wegliep;
- dat [slachtoffer] zich weer omdraaide en op hem afkwam en dat [slachtoffer] zijn hand in zijn zak deed;
- dat hij toen achteruit is gegaan om ruimte te creëren;
- dat hij viel over de stoep of een parkeerbol;
- dat hij op de grond lag en ging zitten om overeind te komen;
- dat hij vanuit zijn ooghoek zag dat er iemand vanaf links aan kwam rennen die een hakbeweging maakte met een bijl, van boven naar beneden;
- dat hij die klap heeft ontweken, niks voelde en zodoende wist dat die had gemist;
- dat degene met de bijl eerder bij hem was dan [slachtoffer] , die toen al op hem afgerend kwam;
- dat [slachtoffer] al rennend uithaalde met een mes en dat dat raak was en dat [slachtoffer] doorrende;
- dat, toen [slachtoffer] met het mes naar beneden sloeg, hij
(het hof begrijpt: verdachte)zat;
- dat hij gelijk het bloed voelde stromen;
- dat hij toen een klap boven op zijn hoofd met die bijl kreeg die raak was;
- dat hij pijn voelde, ook voelde dat het open sprong;
- dat hij toen nog steeds laag was, met zijn billen op de grond zat;
- dat hij op de grond lag en overeind probeerde te komen;
- dat hij pijn had, bang was en in paniek;
- dat hij zag dat [slachtoffer] , die hem eerder voorbij was gerend, weer op hem af kwam;
- dat hij zijn wapen uit zijn jaszak heeft gepakt toen hij nog op de grond zat en [slachtoffer] op hem afkwam;
- dat hij het wapen heeft doorgeladen en heeft geschoten;
- dat hij vanuit een zittende positie een keer of vier schoot;
- dat [slachtoffer] is omgedraaid en weggerend;
- dat hij ondertussen was opgestaan;
- dat [slachtoffer] viel, met zijn rug naar hem toe, en dat het mes uit zijn hand viel;
- dat hij zag dat [slachtoffer] naar het mes kroop;
- dat hij opstond en een of twee passen deed om zijn balans te vinden, naar voren toe, naar [slachtoffer] toe;
- dat [slachtoffer] naar het mes kroop en dat hij toen heeft geschoten totdat [slachtoffer] niet meer kroop;
- dat hij denkt dat er ongeveer vijf of zes meter tussen hem en [slachtoffer] was;
- dat hij heeft besloten om voor een tweede keer te schieten op [slachtoffer] omdat hij zag dat [slachtoffer] het mes wilde pakken en dat er jongens bij hem in de buurt stonden;
- dat hij het wapen onderweg naar het ziekenhuis in de rivier heeft gegooid.