Conclusie
eerste middelbehelst de klacht dat het hof bij de schatting van de omvang van het wederrechtelijk verkregen voordeel ten onrechte de in de strafzaak aan de benadeelde partij toegekende vordering tot schadevergoeding niet in mindering heeft gebracht.
voor zover die zijn voldaan”.
tweede middelklaagt over een schending van de redelijke termijn in de cassatiefase, omdat de stukken te laat door het hof zijn ingezonden.