Conclusie
eerste middel, bezien in samenhang met de toelichting daarop, behelst de klacht dat het hof, dat bij de schatting van het wederrechtelijk verkregen voordeel is uitgegaan van een genormeerde opbrengst van €3.280 per kilogram hennep, ten onrechte heeft nagelaten de inhoud van de wettige bewijsmiddelen te vermelden waarop het hof die opbrengst per kilogram hennep heeft gebaseerd.
Het hof heeft zich, mede gelet op deze periode, bij de berekening van het (bruto) wederrechtelijk verkregen voordeel over de genoemde periode laten leiden door de na te noemen uitgangspunten waarbij, bij het ontbreken van een verklaring van de verdachte - die immers het strafbare feit ontkent -, gebruik is gemaakt van het zogeheten 'BOOM-rapport'. Omdat het hof ervan uitgaat dat de eerste teelt heeft plaatsgevonden na 1 november 2010 maakt het hof gebruik van de versie van dat rapport van 1 november 2010.
OpbrengstHet hof acht bij de berekening van het wederrechtelijk verkregen voordeel aannemelijk dat er 2 keer is geoogst. Het hof overweegt hiertoe dat — zoals opgetekend in het rapport berekening wederrechtelijk verkregen voordeel hennepkwekerij ex art. 36e 2e lid Sr d.d. 2 augustus 2011 met nummer 1511 2011089881 - in de ruimte aan de [a-straat 1] te
's-Gravenhage zijn aangetroffen: restanten van hennepplanten en grond, ernstig vervuilde koolstoffilters, kalkaanslag op de vloer en de afvoergoten van de hennepkwekerij, droge afvalbladeren op de vloer van de hennepkwekerij, eerder gebruikte koolstoffilters, alsmede scharen met restanten van hennepproducten. Deze bevindingen duiden op een aan de aangetroffen teelt voorafgaande oogst.
Voorts overweegt het hof dat een kweekcyclus in de regel ongeveer 10 weken in beslag neemt. De bewezen verklaarde periode beslaat nagenoeg 35 weken. In aanmerking nemende de groeicyclus van 10 weken was er in voormelde periode derhalve voldoende tijdsruimte voor het telen van drie volledige oogsten. Het hof is echter van oordeel dat de aan de [a-straat 1] te 's-Gravenhage aangetroffen situatie geen grond biedt om een onderscheid te maken tussen 2 dan wel 3 voorafgaande oogsten, zodat het hof in het voordeel van de verdachte zal uitgaan van 2 oogsten.
Kosten(…)”
tweede middelbehelst de klacht dat het hof in strijd met art. 359, tweede lid, Sv heeft verzuimd de redenen op te geven waarom het is afgeweken van het uitdrukkelijk onderbouwde standpunt van de verdediging dat er geen sprake is geweest van meer dan één oogst.
21. Vervolgens wil ik nog opmerken dat niet kan worden vastgesteld dat er in de periode van 1 mei 2010 tot en met 29 april 2011 hennepplanten zijn geteeld en bewerkt. Weliswaar zijn er afvalstoffen bestaande uit plantenresten, vervuilde en gebruikte slabs, lege verpakkingen meststoffen en groeibevorderingsmiddelen aangetroffen en vastgesteld dat er een kalklaag op of aan de potten aanwezig was dan wel de folie en verkleuring van de filterdoeken rondom de koolstoffilters is geconstateerd, maar kan er toch in onvoldoende mate met zekerheid worden vastgesteld dat er tenminste meer dan één oogst is geweest.
22. Blijkens het proces- verbaal van bevindingen van verbalisant [verbalisant] van 30 september 2013 geeft hij uitdrukkelijk aan dat het aantal oogsten gebaseerd is op de verklaring van [betrokkene] dat hij een jaar in de woning zou komen. Dit, terwijl tijdens de zitting van 23 maart 2013 bij nader verhoor van [betrokkene] is gebleken dat hij niet een jaar in de woning kwam, maar dat hij vanaf januari 2011, rond de verjaardag van [betrokkene 1], twee keer in de woning is geweest.
23. Nergens uit het dossier blijkt dat [betrokkene] eerder dan januari 2011 in desbetreffende woning is geweest en er al een hennepkwekerij in de woning aanwezig was. Laat staan dat duidelijk was hoeveel kwekerijen er zijn geweest. Dat de eigenaar van de woning deze volgens [betrokkene 1] ongeveer 1½ jaar zou verhuren betekent nog steeds niet dat [betrokkene] al 1½ jaar in de woning komt en er ook nog vanaf dat moment een hennepkwekerij in zat.
24. Vervolgens wijs ik u op het feit dat Lelieveld in zijn rapportage aangeeft dat hij van oordeel is dat er drie eerdere oogsten over de periode 28 augustus 2010 tot en met 30 april 2011 in ruimte 1 en twee oogsten in ruimte 2 zouden zijn geweest. Ook hier is het geheel onduidelijk op basis waarvan hij dit heeft vastgesteld.
25. Zowel het aantal oogsten, de ruimten waarin alsmede de periode komen niet overeen met de rapportage van [verbalisant] en ook niet met de verklaring van [betrokkene]. Op grond hiervan kan worden gesteld dat de rapportages niet ter onderbouwing van het aantal oogsten en de periodes van de hennepkwekerij en diefstal elektriciteit kan worden gebruikt.
26. Ook de argumenten dat er een laag stof aanwezig was, er gebruikte apparatuur stond en dat er een dikke kalkaanslag op een zeil en afvoergroot lag is geen reden om aan te nemen dat er meer dan 1 oogst in de woning is geweest. Dit is namelijk te algemeen. Het kan namelijk ook zo zijn dat de kalk zout of schimmel betreft. Er bij het aanleggen van de kwekerij stof is ontstaan en men gebruik heeft gemaakt van tweedehands apparatuur. Op basis hiervan kan de periode, het aantal oogsten en diefstal elektriciteit niet worden vastgesteld.
27. Ik verzoek u dan ook [betrokkene] vrij te spreken van de feiten 1, 2 en 4, althans de periode van het telen en bewerken van hennep te beperken.
28. In lijn hiermee verzoek ik u op basis van dezelfde argumenten de ontnemingsvordering af te wijzen, omdat onmogelijk kan worden vastgesteld dat [betrokkene] voordeel zou hebben gehad uit de hennepkwekerij. De hennepkwekerij die namelijk op 29 april 2011 in de woning zou zijn aangetroffen is vernietigd, zodat [betrokkene] nimmer voordeel hiervan heeft kunnen genieten. (…)”