Conclusie
3.Het eerste middel
Categorie B
4.Het tweede middel
Voltooid delict
Parket bij de Hoge Raad
De verdachte werd door het hof veroordeeld voor gekwalificeerde diefstal waarbij hij zich toegang verschaft had tot een afgesloten terrein en goederen had klaargezet voor wegneming. De verdachte stelde in cassatie dat zijn verklaring bij de politie niet als bewijs mocht dienen omdat hij voorafgaand aan het verhoor niet was bijgestaan door zijn voorkeursadvocaat, wat volgens hem een schending van het consultatierecht opleverde.
De Hoge Raad overwoog dat de verdachte wel degelijk consultatiebijstand had gehad van een andere advocaat en dat het hof terecht had geoordeeld dat het consultatierecht niet was geschonden. De politie had voldoende inspanningen verricht om de voorkeursadvocaat te bereiken, maar deze was niet binnen de gestelde termijn beschikbaar. Het verweer dat de verklaring moest worden uitgesloten wegens vormverzuim faalde omdat de verdediging onvoldoende had gemotiveerd waarom strafvermindering zou moeten volgen.
Daarnaast oordeelde de Hoge Raad dat het hof terecht had geoordeeld dat sprake was van een voltooid delict diefstal. Door het pakken en klaarzetten van de goederen uit een afgesloten opslagplaats had de verdachte zich feitelijke heerschappij verschaft en was de band met de rechthebbende doorbroken. Het cassatieberoep werd verworpen en de veroordeling bleef in stand.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de veroordeling voor gekwalificeerde diefstal blijft in stand.